Doen waar je goed in bent

Doen waar je goed in bent 

Toon Hermans heeft ooit eens een sketch gedaan over het wratje op de neus van zijn tante. Hoe meer hij zich op dat wratje concentreerde hoe groter het werd en des te afstotelijker zijn tante. 

Wanneer Naomi Campbell haar aandacht geconcentreerd had op de lichte hazenlip die ze heeft, dan was zij nooit een topmodel geworden. Zij heeft zich echter geconcentreerd op het uitbuiten van haar sterktes, en daarmee heeft ze de zwakte van een lichte hazenlip grotelijks gecompenseerd.  

Dat is het geheim van succes. Uitbuiten van je sterktes. Het klinkt simpel, maar veel mensen zijn juist met andere dingen bezig. Die lopen zich voortdurend zorgen te maken over de dingen waar ze niet goed in zijn. Vervolgens stoppen ze al hun energie erin om op die punten beter te worden. Het resultaat is dat ze na veel inspanningen van ‘slecht’ op die gebieden ‘middelmatig’ worden. Dan onderscheid je je nog niet van anderen. Maar als je je energie stopt in zaken waar je goed in bent, dan groei je boven de middelmaat uit en word je op dat terrein ‘excellent’. Daarmee onderscheid je je van je omgeving, en daaraan ontleen je je identiteit. 

 

Daniël Ofman spreekt in dit verband over ‘kernkwaliteiten’. Hij heeft daarover een zeer lezenswaardig boek geschreven ‘Bezieling en kwaliteit in organisaties’. 

Een kernkwaliteit is een eigenschap waaraan je iemand meteen kunt herkennen. Het is een specifieke sterkte. Voorbeelden zijn daadkracht, zorgzaamheid, zorgvuldigheid, ordelijkheid, invoelingsvermogen, enzovoorts. Een kernkwaliteit werpt een bepaald licht op alle andere eigenschappen die iemand heeft. Vanwege een bepaalde kernkwaliteit wordt iemand hooglijk gewaardeerd en kan hij op andere terreinen steken laten vallen zonder dat hem dat meteen euvel geduid wordt. Een kernkwaliteit is voor de bezitter ervan vaak vanzelfsprekend. ‘Dat is toch niet zo moeilijk, dat kan toch iedereen’ zegt hij er vaak zelf van. 

 

Je sterkte is vaak ook je zwakte 

Op je kernkwaliteiten word je vaak beloond vanuit de omgeving. Als je je kernkwaliteiten in stelling brengt, dan doe je goede dingen die door je omgeving gewaardeerd worden. ‘Gedrag dat beloond wordt, wordt versterkt’ zo luidt de basiswet van de operante conditionering. Het succesvolle gedrag wordt zo als een standaardpatroon ingesleten. En daarin schuilt het gevaar. We gaan het desbetreffende gedrag dan min of meer automatisch vertonen, ook in situaties waar het niet helemaal op zijn plaats is of we doen ‘iets te veel van het goede’. Daadkracht ontaardt dan in drammerigheid. Zorgzaamheid wordt een dodelijke omhelzing. Zorgvuldigheid wordt Pietje Precies. Dit teveel van het goede noemt Ofman de ‘valkuil’ die elke kernkwaliteit vergezelt. 

Wanneer je je eigen kernkwaliteit(en) nog niet voldoende kent, dan is één manier om die te ontdekken om je af te vragen wat je nogal eens als verwijt uit je omgeving krijgt in de zin van ‘wees niet zo….’. Vervolgens vraag je je af van welke positieve kwaliteit dit te veel is en dat brengt je dan waarschijnlijk bij een kernkwaliteit. 

 

De uitdaging 

Hierover zegt Ofman het volgende: 

‘Met de bijbehorende valkuil krijgt de persoon bij zijn kernkwaliteit ook zijn ‘uitdaging’. De uitdaging is de positief tegenovergestelde kwaliteit van de valkuil. De positief tegenovergestelde kwaliteit van drammerigheid is bijvoorbeeld zoiets als geduld of terughoudendheid. Met andere woorden, bij de valkuil ‘drammerigheid’ hoort de uitdaging ‘geduld’. Zoals in de figuur duidelijk wordt, zijn de kernkwaliteit en de uitdaging elkaars aanvullende kwaliteiten. 

Waar het om gaat is de balans te vinden tussen daadkracht en geduld. Balans aanbrengen betekent denken in termen van en/en en niet of/of. Vaak ligt de moeilijkheid in het feit dat de betrokkene niet in staat is te zien hoe deze twee kwaliteiten samen kunnen gaan, d.w.z. voor hem of haar is het een kwestie van of daadkracht of geduld. Beide kwaliteiten worden dan gezien als tegenstellingen in plaats van aanvullingen’. 

 

Allergie 

Wanneer je zelf erg daadkrachtig bent, dan heb je vaak een uitgesproken hekel aan mensen die passief zijn. Deze allergie roept bij jezelf je valkuil op. Hoe passiever je tegenspeler, des te meer begin je zelf te drammen. 

Wanneer men zijn allergie in een ander tegenkomt, ligt de valkuil op de loer. Wat iemand het meest kwetsbaar maakt is niet zijn valkuil, maar zijn allergie, want het is vooral de allergie die iemand naar zijn valkuil drijft. 

Waar men allergisch voor is bij een ander, is waarschijnlijk te veel van iets goeds, dat men bij zichzelf nodig heeft. Een leidinggevende kan waarschijnlijk het meeste over zichzelf leren van degenen met wie hij het moeilijkst kan omgaan. 

Deel 1a - Foundation

Het fundament in een 2 daags programma

FOUNDATION COACH

Een meer oriënterende module waarin de basisnoties en competenties van de coach aan de orde komen.
Meer info

Deel 1b - Practitioner

Taakbekwaam coach in een 7 daags programma - Te volgen na deel 1a

PRACTITIONER COACH

Een meer technisch instrumenteel deel met veel aandacht voor de kracht van het vragenstellen, de coachovereenkomst en resultaatgericht coachen.
Meer info

Professional Coach Week

Taakbekwaam Coach in een intensieve week. Deel 1a & Deel 1b in één opleiding.

PROFESSIONAL COACH WEEK

Een solide basis waarin je de vaardigheden voor resultaatgericht coachen onder de knie krijgt.
Meer info

Deel 1 - Practitioner (ACC)

Taakbekwaam Coach in één 9 daags programma. Deel 1a & deel 1b.

PRACTITIONER COACH (ACC)

Solide basis waarin je de vaardigheden voor resultaatgericht coachen onder de knie krijgt.
Meer info

Deel 2 - Senior Practitioner (PCC)

Vakbekwaam Coach in één 10 daags programma. - Te volgen na deel 1

SENIOR PRACTITIONER COACH

In dit deel vindt verdere verdieping plaats. Je leert coachen op effectief gedrag, emoties en het werken met diverse tool.
Meer info

Recommended Posts